Nog niet toe aan pensioen
Mijn naam is Lenie Kraker-Kalb. Ik ben 66 jaar en werk nu nog in het MMC-Eindhoven op de COK en op de POK. COK staat voor cataract OK. Ik ben getrouwd, heb 2 kinderen en 5 kleinkinderen.
In september 1966 heb ik mijn A-diploma gehaald in het toenmalige St-Josef ziekenhuis aan de Aalsterweg in Eindhoven. In oktober 1966 ben ik getrouwd en in die tijd moest je dan stoppen met werken, maar daar had ik helemaal geen zin in. Ik ben toen gaan werken in een verpleeghuis voor Indonesische repatrianten. Ik was medeverantwoordelijk voor de opleiding van de ziekenverzorgsters. Maar dat was toch niet mijn ding. Ik had het werk zelf vlugger gedaan dan dat ik het de leerlingen uitgelegd had. Ik was denk ik nog veel te jong (21 jaar).
Ik heb na 9 maanden opgebeld naar het St-Josef of ik eens mocht komen praten en dat mocht. De toenmalige directrice vroeg toen of ik iets voelde voor de OK. Ik heb altijd een hekel aan dat mens gehad, maar toen kon ik haar wel om de nek vallen. Tijdens mijn opleiding voor de A moest je destijds 3 maanden stage lopen op de OK en ik vond het toen al een droom om daar te zijn. Ik had nooit gedacht dat ik in dat elitaire gezelschap zou mogen verkeren, want zo keek je toch tegen OK-mensen aan. En zo ben ik op de OK gekomen. Je werd gewoon al doende opgeleid. Mijn handen bleken op de juiste plaats te zitten want na anderhalf jaar deed ik tijdens de dienst al een longoperatie, na een schotwond. Ik genoot, elke dag weer.
De OK van toen bestond uit 2 kamers tegenover elkaar. Daartussenin was een ruimte waar de schone instrumenten in een kast lagen, maar waar ook de vuile instrumenten werden schoon gemaakt. De hoofdzuster maakte de netten per operatie. Die gingen dan 20 minuten in een kookpot. Als het moment daar was dan werd het net met 2 haken naar de OK gedragen en kon je beginnen. Natuurlijk waren de netten nog nat en heet, maar je wist niet beter.
Het kon nog gekker. Als het te warm werd op de OK dan moest het raam open van de chirurg. Er zat wel een hor voor het raam. Dat dan weer wel. Maar het gekke is, dat er in die tijd veel minder infecties waren. A: omdat de mensen een grotere weerstand hadden (we hebben het hier over de 60-er jaren, nog niet zo heel lang na de oorlog) en B: er werd veel minder kwistig met antibiotica gestrooid. En wij deden toch veel darm- en maagoperaties. Wel dagelijks een B1 of B2. De handschoenen werden uitgewassen, gepoederd en over gesteriliseerd. Verband werd gewassen, weer opgerold en hergebruikt. Deppers maakten we zelf, als je even niets te doen had dan ging je maar deppers draaien. Als je me nu een pak gaasjes geeft, maak ik in no-time een zak deppers voor je.
In 1970 kregen we een nieuwe OK. Er kwam toen ook een orthopeed en er werden voor het eerst grote heupoperaties gedaan. En weer stond ik aan de wieg van die vernieuwing. Snap je waarom ik genoot?
Op een gegeven moment werd je een soort oudste van een specialisme, tegenwoordig heet dat priem, maar toen had het geen naam, je was het gewoon.
Als gehuwde wilde je ’s avonds toch wel graag op tijd thuis zijn. Wij maakten dagen van 8 tot 19 uur. Tussen de middag was je twee uur vrij want de chirurg moest tennissen. Ik heb toen voor elkaar gekregen dat we met nog een paar collega’s tussen de middag doorwerkten en de OK’s gereed maakten voor de het middagprogramma en zo kwam het dat je een doorloopprogramma kreeg en was je om 17.30 uur afgewerkt.
In 1972 werd onze dochter geboren en ook toen mocht je niet doorwerken. Ik vond het heel onrechtvaardig. Ik ben 2 jaar thuis geweest en toen via een omweg toch weer op de OK terechtgekomen, maar nu in het MMC, het toenmalige Diaconessehuis. Ik was de eerste die daar kwam werken die een kind had. Volgens het subhoofd kon dat niet goed gaan, maar het hoofd geloofde in mij en zij had gelijk want ik werk er nog. De ontwikkelingen hebben, gelukkig, niet stil gestaan. Ik heb veel gezien, veel geleerd en veel gedaan.
En toen werd ik 60 jaar en mocht ik met de OBU. Het was puur een praktische en financieel voordelige regeling die ik maar heb geaccepteerd, maar ik was er emotioneel nog niet aan toe.
Wegens het tekort aan OK-personeel kwam er een regeling dat je met de OBU-regeling toch mocht blijven werken. Dat kwam voor mij als een geschenk uit de hemel. Ik werkte 3 dagen in de week. Met mijn 62 jaar ben ik 2 dagen gaan werken, want je begon het toch wel te voelen. Tijdens mijn loopbaan had ik veel bij de oogarts gewerkt en toen de oogartsen van Veldhoven in het MMC kwamen opereren werd ik regelmatig gevraag om een handje te helpen. En dat heeft er in geresulteerd dat ik daar 2 dagen in de week werkte. Met mijn 64 jaar ben ik met een 0-urencontract gaan werken, maar dat was ook wel twee dagen in de week. Nu is het wat minder, maar ondertussen ondersteun ik ook de POK. Weet je, ik kan bij een vraag om hulp, geen “nee” zeggen en het is ook allemaal zo leuk!
Ondertussen is de oogarts van het MMC, waar ik al 28 jaar mee samen gewerkt heb, een zelfstandige oogkliniek begonnen en hij heeft mij gevraagd om bij hem te komen werken. Dat vond ik ook wel weer uitdaging dus dat doe ik nu ook al weer een half jaar. Dr. Meurs doet in zijn kliniek cataractoperaties en POK-behandelingen. Bij de cataracten heb je een omloop nodig en dat is dus mijn dochter. Zij heeft een MBOV-opleiding gedaan en werkt nu als tweedegraads bij de oogarts. Ze loopt om en heeft ondertussen ook al geassisteerd.
In oktober gaat ze de door Paul Meijsen opgestelde opleiding doen. Ze doet het nu al kei-goed. Wat dat met ons doet als moeder en dochter? Tijdens het werk zijn we ons daar niet van bewust. We zijn allebei heel professioneel bezig en we zijn heel erg op elkaar ingespeeld wat de efficiëntie natuurlijk zeer ten goede komt.
Wat ik ga doen als ook echt met pensioen ga?? Ik zou het nu nog niet weten. Het werk is altijd mijn hobby geweest, ik kan niet anders, maar ik ben ervan overtuigd dat er wel iets op mijn pad komt, zo is het steeds gegaan. Ik wandel en fiets graag en mijn grootste zegen is nog steeds dat ik nog gezond ben. Als ik dat vast kan houden dan komt de rest vanzelf.


Ik heb zojuist een boek
Ik heb zojuist een boek geschreven IK DOE HET! Van dromen naar doen. Na je pensioen. Een prachtig cadeau voor iedereen die met pensioen gaat en heel inspirerend. In IK DOE HET! staan tien portretten van mensen die na hun pensioen hun dromen zijn gaan realiseren. Het boek is te koop via www.ik-doehet.nl (daar vindt u ook een inkijkexemplaar) en via de boekhandel.
Inderdaad GOEDKOOP om onder
Inderdaad GOEDKOOP om onder een column even snel je boek te promoten.
Wat een leuk verhaal. En een
Wat een leuk verhaal. En een prachtige reclame voor ons beroep!
Dit verhaal zou gebruikt
Dit verhaal zou gebruikt moeten worden op middelbare scholen om jongeren warm te maken voor ons prachtige vak. Ik ben 46 en ik hoop nog jarenlang op de OK te mogen werken. Hartverwarmend!
Wat een mooi verhaal en wat
Wat een mooi verhaal en wat een ervaringen!
Misschien kun je als je echt met pensioen gaat hier een boek over gaan
schrijven,wie weet
Hardstikke leuk verhaal en
Hardstikke leuk verhaal en helemaal "jij".
Post new comment